Pigeon website for fanciers of pigeons from all over the world

 

Medisch nieuws
maandag 2 oktober 2006 | John Nieuwkoop


Kuren na de rui tegen paratyfus

 

Veel vragen gaan momenteel over het kuren tegen paratyfus tijdens of na de rui. Het is een gewoonte die veel navolging heeft gekregen doordat liefhebbers hoorden vertellen dat anderen er beter door gingen spelen. We moeten ons wel realiseren dat paratyfus een aandoening is die afwijkt van andere aandoeningen met betrekking tot de behandelbaarheid ervan. Het is een wijd verbreid misverstand dat men door het geven van medicamenten tegen de salmonella bacterie deze ziekte kan uitroeien. Ik hoor dan ook vaker de verzuchting dat men met middel x of y tegen paratyfus heeft gekuurd en dat de ziekte twee maanden later toch weer is vastgesteld bij een bacteriologisch onderzoek. Het is natuurlijk frustrerend als dit gebeurt.

 

De Salmonella bacterie die de paratyfus veroorzaken kan, weet zich goed schuil te houden in het lichaam. Zo kan deze bacterie zich onder meer in de galgangen van de lever schuilhouden alwaar hij minder te bereiken lijkt te zijn door de antibiotica die voor de bestrijding worden gegeven. Zo kan het dan ook gebeuren dat deze bacteriën na een herstelperiode, afhankelijk van het gebruikte medicament, toch weer in de mest aantoonbaar wordt. Het hangt een beetje van het gebruikte preparaat af hoe lang het duurt voordat de bacterie weer aantoonbaar is. Maar gemiddeld wordt een termijn aangehouden van ca. 1 maand. Baytril werkt in deze wat beter zo is uit onderzoek gebleken. Bij controles bleek  na gebruik van dit medicament de bacterie pas na twee maanden weer aantoonbaar te zijn.

 

Betekent dit nu dat kuren in het najaar daarom zinloos is. Praktijkervaring leert dat een kuur tegen paratyfus na de rui de infectiedruk van de Paratyfusbacil wel degelijk kan helpen terugdringen. Maar we moeten het in het juiste perspectief blijven zien en niet de illusie hebben dat we met een kuur tegen deze bacterie vrij worden van deze aandoening. Daar is meer voor nodig.

 

Mijn advies is dus om tijdens de ruiperiode een mestkweek te laten verrichten op een verzamelmestmonster van 5 dagen. Om vervolgens naar aanleiding van de uitslag handelend op te treden. In geval van een positieve mestkweek (hetgeen inhoudt dat de paratyfusbacterie daadwerkelijk wordt aangetoond) is mijn advies veertien dagen te kuren met bijvoorbeeld trimsulfa. Te vaccineren tegen paratyfus en vervolgens een week na te kuren met trimsulfa. Op deze manier remmen we de uitscheiding van paratyfus in de mest drastisch af. Op deze manier wordt het mogelijk gemaakt op (de langere) termijn weer vrij te worden van paratyfus.

 

Wat betreft de noodzaak van het geven van een paratyfuskuur bij een negatieve mestkweek lopen de meningen uiteen. Het komt namelijk voor dat de mestkweek negatief is terwijl er op enig moment toch een duif bij sectie paratyfus blijkt te hebben. Dit zijn de zogenaamde vals-negatieve kweken. Dit betekent niet dat deze onderzoeken daarom geen nut zouden hebben. Maar het is wel deels de oorzaak dat liefhebbers ondanks de negatieve uitslag toch  “voor alle zekerheid” een kuur geven na de rui. Wetenschappelijk gezien is men het erover eens dat deze handelwijze weinig waarde heeft. Men kan op deze manier een eventuele paratyfusbesmetting toch niet uitroeien. Praktijkervaringen van liefhebbers zouden evenwel wijzen op een gunstig effect van dergelijke kuren in het volgende vliegseizoen. Een wetenschappelijke onderbouwing hiervan is er evenwel niet.

 

Kortom: paratyfus is met medicijnen niet uit te roeien. Gebruik van medicijnen helpt wel de infectiedruk te verlagen. Als alternatief middel werkt Boni-SGR door zijn verzurende werking ook remmend op de ontwikkeling van de ziekteverwekkende bacteriën. Het stimuleert daarnaast de ontwikkeling van de gezonde darmflora.

 

Het moge duidelijk zijn dat men tijdens de ruiperiode zo weinig mogelijk medicamenten aan de duiven dient te verstrekken. Dat betekent dus ook liever geen paratyfuskuur. Dat kan het beste pas na de rui gegeven worden. Tijdens de rui heeft de lever van de duiven het immers al zwaar genoeg te verduren vanwege de extra inspanning die door het lichaam geëist wordt vanwege de aanleg van het nieuwe verenkleed.

 

 

Bloedwratten

 

De laatste weken ook meerdere meldingen van bloedwratten. Deze bloedrijke verdikkingen kunnen een smeerboel veroorzaken op een duivenhok. Het beste plaatst men deze duiven apart. Waar mogelijk kan men deze bloedwratten afbinden. Na enkele dagen vallen ze dan af. De wonden die overblijven kan met aanstippen met jodium. Het is in principe een besmettelijke aandoening maar de spreiding over de duiven valt doorgaans wel mee.

 

Luchtwegaandoeningen en antibioticumgebruik

 

Mijn uitgangspunt is dat het gebruik van antibiotica tot een minimum beperkt dient te blijven. Het gebruik zou beperkt moeten blijven tot strategische momenten om te voorkomen dat onnodig vaak en onnodig veel gekuurd moet worden. Wat bedoel ik daarmee? Ik zal het proberen te verduidelijken aan de hand van een vraag die ik deze maand kreeg:

 

“In enkele artikelen uit België wordt vermeld dat duiven kunnen pieken door ze op de eerste twee dagen van de week antibiotica toe te dienen. Dit zou een ‘boostereffect’ hebben. Klopt dit?”

 

Ik heb al vaak wat over het gebruik van medicijnen verteld. De hierboven gestelde vraag verdient een uitgebreidere behandeling dan een simpel ja of nee.

 

Ik denk dat we hier sowieso niet van een ‘boostereffect’ moeten spreken. In principe geldt als uitgangspunt dat we moeten waken duiven zonder meer maar twee dagen antibiotica toe te dienen. Als duiven een fikse infectie hebben lopen we hiermee immers een gerede kans bij te dragen aan de opbouw van resistentie. Dat dit zonder meer het geval is blijkt wel bij de controles van de kelen van duiven die een kort kuurtje tegen het geel hebben gehad. Bij lichte besmettingen kan dit effectief zijn, maar bij 3 tot 4 + besmettingen werkt dit absoluut niet. De sterkste geelparasieten overleven en gaan zich verder vermenigvuldigen. Dit is in het geval van een geelbesmetting voor een ieder zichtbaar te maken onder een microscoop. Maar bij luchtweginfecties werkt een en ander natuurlijk op dezelfde manier. Geven we dus zonder van de infectiegraad van de duiven op te hoogte te zijn blindelings twee dagen medicijnen dat zal dit in eerste instantie mogelijk wel effect sorteren, maar op de (middel)lange termijn gaat het tegen ons werken. Dit is dus een verkeerde aanpak.

 

Het lijkt er dan op dat de duiven “schoon” aan de start verschijnen. Duiven kunnen dan ogenschijnlijk gezond aan hun eerste vlucht beginnen om dan na een paar weken geen platte prijs meer te vliegen. Door het samenkomen met andere duiven in de verzamelmanden worden de diverse ‘hokinfecties’ uitgewisseld en worden subklinische (verborgen) infecties eerder klinisch. Dus komen er eerder verschijnselen.  Maar dit is niet zuiver zwart/wit natuurlijk. De eigen ‘hokinfectie’ wordt heviger door de besmettingen van de andere hokken die er als het ware bijkomen. Er wordt een groter beslag gelegd op de eigen afweer van de duif. De energie die het kost om deze infecties te beteugelen gaat ten koste van de opbouw van de ‘forme’. Gaat dit enkele weken zo door dan kan de weerstand dusdanig verzwakt zijn dat er wel degelijk klinische verschijnselen optreden. Maar vaak heeft een liefhebber dan al ‘een kort kuurtje van een of twee dagen’ gegeven om het tij te keren. Dat kan dan een of enkele weken succes lijken te hebben waarna het probleem weer opnieuw opduikt. Hoeveel liefhebbers vertellen me in de kliniek niet deze gang van zaken! Deze ogenschijnlijk schone duiven aan het begin van het seizoen bleken dus niet echt schoon te zijn. En dit is veel vaker het geval dan menig liefhebber denkt.

 

We doen er dus verstandig aan om de duiven werkelijk “schoon” aan de start te brengen. Daarvoor zou men bij een goede duivenarts de duiven kunnen laten controleren. Dan kan worden vastgesteld of er werkelijk geen problemen zijn. Is dat inderdaad zo dan moet men niet met medicijnen aan de slag. Men kan zich dan richten op het verhogen van de eigen weerstand om de duiven zo gezond mogelijk te houden. Zijn er werkelijk luchtwegproblemen dan kan middels een goede kuur van 5-8 dagen de zaak weer op orde gebracht worden. In die gevallen kan men dus daadwerkelijk de eigen duiven schoon aan de start brengen.

 

Als iedere liefhebber dit deed dan zou er niets aan de hand zijn en konden de wedvluchten met veel minder medicatie afgewerkt worden dan nu noodzakelijk is. Want ook al brengt men de eigen duiven schoon aan de start dan nog heeft men te maken met de infecties van de andere hokken. Zeker in die gevallen waarbij men moet inkorven bij liefhebbers die het niet zo nauw nemen. En aangezien dit toch frequent voorkomt kan het zeker na de eerste vluchten waarbij het kaf nog niet van het koren is gescheiden zeer zeker zinvol zijn om de duiven preventief enkele dagen een middel voor de luchtwegen te geven. Immers de duiven hebben in de manden, zeker tijdens de eerste vluchten na de rustperiode, last van stress. En stress zorgt ervoor dat de afweerreactie van de duiven niet optimaal is. De duiven zijn dus juist tijdens die eerste vluchten (denk daarbij ook aan de weersomstandigheden) bevattelijker voor infecties. Preventief handelen kan dan helpen erger te voorkomen.

 

NB! Ik maak hierboven dus duidelijk onderscheid tussen het geven van een preventieve kuur bij schone duiven in vergelijking tot de gift van medicijnen gedurende  een of twee dagen bij duiven waarvan men niet weet of ze werkelijk geen verborgen infecties hebben. Dit laatste raad ik dus ten stelligste af. Tussen deze twee groepen van duiven is het effect van de medicatie hemelsbreed verschillend, evenals het risico van het bevorderen van de resistentie. Praktijkervaring wijst uit dat langdurig gebruik van poeder 18 of SA-mix op een verantwoorde manier geen noemenswaardige bijdrage levert aan de toename van de resistentie tegen de gebruikte middelen. Resistentie wordt hoofdzakelijk in de hand gewerkt door nonchalant en onoordeelkundig gebruik van antibiotica. En dat is iets waar iedere liefhebber voor moet blijven waken.

 

Om terug te komen op de vraag van de liefhebber of het geven van antibiotica gedurende een tweetal dagen aan de week kan leiden tot een ‘boostereffect’ kan dus worden gezegd dat deze handelwijze kan helpen bij het gezond houden van de duiven en het opbouwen van de ‘forme’ mits voldaan wordt aan genoemde voorwaarde dat de duiven schoon aan het seizoen beginnen en het medicijngebruik verantwoord blijft.

 


Blijven er vragen over dit onderwerp dan stel ze gerust.

dgkcentrum@planet.nl

 

succes

 

dierenarts Peter Boskamp

 


 

meer nieuws in het archief

 

 

Duiven
Reportages
Door de ogen van....
Medisch nieuws
DuivenMarktplaats
Duiven verkoop
Inschrijven nieuwsbrief
Vacatures
links
Nederlandse liefhebbers
Belgische liefhebbers
Bannerlinks
Afdelingen & verenigingen
Award
Archief medisch nieuws
Archief door de ogen van...
De 'oude' site
dating
shop
English


Advertenties

Pigeonhall, duivenveiling

Uw advertentie hier?