Door de ogen van Gert Jan Beute dinsdag 3 oktober 2006 | Admin
Even voorstellen
De Nederlandse lezers zullen de kop boven deze tekst niet begrijpen, ze kennen me al jaren,
maar aangezien vanaf deze week mijn wekelijkse column ook in “het Duivenblad” van België word meegenomen is het voor onze Belgische vrienden beter dat ik me
even voorstel.
Wie is Gert Jan Beute
Mijn ouders zijn in 1963 begonnen met de duivensport, met in 1964 gelijk klinkende prestaties met als mooiste het kampioenschap jonge duiven in groot verband.
Tussen 1964 en 1985 heeft mijn vader onder zijn eigen naam gespeeld, wel met hulp van mijn moeder en mij,
maar op de lijst stond altijd A.Beute Frederiksoord, later werd het dus A.Beute & Zn,
en vanaf 2000 na het overlijden van mijn vader zijn we verder gegaan onder Beute & Zn. In 1965
werd ik geboren en heb dus mijn hele leven in de duiven gezeten, als kleine jongen van vijf jaar zat ik reeds bij Grootmeester Jos v. Limpt
alias “De Klak”op schoot en bij de gebroeders Janssen voor de kachel. Vanaf ongeveer 1975 werd ik door
mijn vader overal mee naar toe genomen, alle kampioenendagen waar hij met zijn “Klakken” present was, of bij de hokbezoeken aan grote melkers
in die tijd zoals Tournier, Delbar, Bruane, Dokter Linssen of Pot(Utrecht) overal liep ik in het spoor mee van mijn vader de destijds “grote”
Arnold Beute. Tussen 1984 en 1988 werd het postduivenvirus tijdelijk overschaduwt door ernstige ziekte
van mijn moeder maar ook door het kippenvirus. Haha ik hoor u denken; Kippenvirus? Jazeker in die vier jaar was ik begonnen met het fokken van
Modern Engelse vechtkrielen voor tentoonstellingen, maar dat was het toch niet, het laatste jaar 1988 won ik alle grote shows in Nederland met
mijn kippen, en de lol was er af. Vanaf dat jaar is er nooit meer iets anders geweest dan duiven,
duiven en nog eens duiven.
Wat doet Gert Jan Beute
Ha, je kunt beter vragen wat doet hij niet? Naast
mijn 36 uren werkweek bij Shell, ben ik natuurlijk manager, trainer, voorzitter en penningmeester van mijn eigen hok duiven. Sinds zo’n 10
jaar ben ik lid van de groep van keurmeesters van postduiven, maar ook internationaal selecteur van postduiven, zo’n 100 hokken per jaar
kloppen bij mij aan voor selectie of koppeladvies, en dit met gelukkig voor mij maar zeker voor hun bovengemiddelde prestaties nadien.
Daarnaast begeleid ik op dit ogenblik in Nederland en Duitsland telefonisch of per E.mail ook nog eens zo’n
vijftig beginners of liefhebbers waar het niet zo wil vlotten. Verder schrijf ik dus een wekelijkse
column in het Spoor der Kampioenen en èèn voor Pitss.be
Wat schrijft Gert Jan Beute
Ik heb een eenvoudige schrijfstijl, het moet voor een ieder eenvoudig zijn mijn stukjes te
lezen en te begrijpen, wanneer ik bijvoorbeeld over erfelijkheid schrijf, gebruik ik voorbeelden uit de voetballerij b.v. Johan Cruyff >
dochter Johan Cruyff > kleinzoon Johan Cruyff, dat is voor veel mensen makkelijker kost dan F1,F2 en F3. Verder schrijf ik iedere week een stukje over de perikelen op eigen hok, het hoe en waarom van medicijngebruik, het
verdonkeren en verlichten van oude duiven en natuurlijk de belichtingsmethode met de jonge duiven. Maar ook over grote duivenspelers met hun
methoden, wat doen ze, wat gebruiken ze en wat zeggen ze niet. Verder schrijf ik graag over vrienden in de duivensport zoals de familie
Eijerkamp, Gunter Prange( uit het Duitse Meppen), Gerard en Remco Schuiling, Rein Gaal om maar zo enkele te noemen. Veel bekende namen in de Nederlandse duivensport zijn redelijk open en geven eerlijk antwoord op mijn vragen, die ik
weer gebruik om u te helpen. Bij mijn 40 mailtjes aan Belgische kampioenen kreeg ik helaas nul op het
rekest, niemand behalve Luc Houben wilde meewerken om de duivensport voor “niet” kampioenen eenvoudiger te maken door een tipje van hun sluier
op te lichten. Van 38 van hun kreeg ik zelfs geen berichtje terug, is dit de Belgische duivensport
anno 2006? Verder bericht ik over nieuwe middeltjes, waar zijn ze voor en waar dienen ze voor, ik noem
hierbij ook namen, wat me niet altijd in dank word afgenomen.
Eigen hokbestand
Op onze hokken in Wilhelminaoord zitten op dit ogenblik zo’n 32 koppels kweekduiven of zoals
u wilt vasthouders, daarnaast zijn we dit jaar begonnen met 12 doffers en 24 duivinnen en een kleine 100 jongen. Na enkele weken spel met de
ouden weet je wel welke het doen en welke niet, dus op dit ogenblik spelen we nog met een twintig duiven. Vanaf 1963 tot nu 2006 hebben we altijd met duiven gespeeld van het ras Gebroeders Janssen, en dan in 80% via wijlen Jos
v.Limpt alias “De Klak’, in die ruim 40 jaar hebben we natuurlijk wel eens wat geprobeerd met andere rassen, maar dit is nooit wat geworden,
ze zijn ook dan weer compleet uit onze stam gefilterd. Op de eigen hokken doen we zoveel mogelijk aan
lijnenteelt of iets verwijderde inteelt, iets anders is natuurlijk ook niet mogelijk daar we niet met vreemde duiven(rassen) kweken.
Verder heb ik nu in 2006 de beschikking over 26 Eijerkampduiven, hoe kom ik daar aan? Door aanschaf van een
nieuwe keuken bij Mandemakers in Zutphen en het sturen van vrienden naar Eijerkamp op daar hun meubelen te kopen, had ik 26 jonge duiven
tegoed, deze worden getest en vergeleken met mijn eigen jongen.
Waar heb ik een hekel aan?
Aan achterkamertjes politiek in de duivensport, leugens over methoden en gebruik van
medicijnen, aan negatieve mensen en achterklap. Zo kwam me gisteren te horen dat er iemand van
Eijerkamp gestuurd zou worden naar mijn hokken om de door hun geleverde duiven te begeleiden. Ze hebben de klok horen luiden maar weten niet
waar de klepel hangt. Er komt iemand van Eijerkamp dat klopt, even 1 of meerdere dagen meelopen om de duivensport van de andere kant te
bekijken, ik moet deze jongeling wegwijs maken in de lijnteelt methode, ogentheorie e.d. Verder zou ik me ziek hebben gemeld van mijn werk
omdat ontevreden duivenkopers me daar wel even zouden opzoeken, ik word er zo moe van, het gemiddelde IQ van dat soort duivenmelkers is toch
lager dan een badkamertegel. Maar als ze over je praten doe je het in ieder geval goed toch? hahaha
Het Boek
Op dit ogenblik ben ik druk bezig met het boek “Uiterlijke kenmerken van Crack
duiven” hierin beschrijf ik op eenvoudige wijze door een 18 punten systeem hoe zo’n goede vlieger
en of kweker er uit ziet en hoe hij voelt. Dit boek zal uitgebracht worden door Jan de Jongh, en zal verkrijgbaar zijn rond de Olympiade
2007. Ik zoek hiervoor ook Belgische superduiven, het kost u niets, laat ze me even zien,
vasthouden en voelen, ik omschrijf ze en deze cracks worden dan met foto en uw naam en adres in het boek afgebeeld. Ook hier heb ik zo’n 100
Belgische toppers aangeschreven, maar jammer genoeg kwam alleen respons van wederom Luc Houben en de familie Herbots, van de andere 98 helaas
geen berichtje terug.
Volgende week ga ik door met mijn reguliere column.
Groetjes Gert Jan Beute
BEUTE_ZN@HOTMAIL.COMmet een onderstreepje _ tussen Beute en Zn
meer nieuws in het archief
|